Ik ben gedoopt in uw naam, ik heb met u gepraat toen ik klein was voor het slapengaan. De grote mensen om mij heen leerde dat u 'liefde' was.
Wat een geluk .....want in het dorp waar ik vandaan kom werd uw naam doorgaans genoemd in de schaduw van hel en verdoemenis.
Toen ik zestien werd reisde ik samen met mijn vader naar Zwitserland. We overnachtten in een hotel in Zuid-Duitsland. We sliepen op dezelfde kamer. Voor het slapengaan knielde mijn vader voor het bed met gevouwen handen en bad in stilte. Hij maakte zich klein voor u en voor mij.
Toen heb ik u denk ik voor de eerste keer gezien. En of het mijn verbeelding is of dat u echt bestaat doet er eigenlijk niet toe.
Zolang het maar iets met mij doet dat goed is.
De jaren daarna heb ik u eindeloos in vraag gesteld zoals het hoort, want ik geloof niet in een opperwezen dat een fanclub heeft die hem kritiekloos aanvaart.
Voltaire en Nietzsche waren goede leermeesters....de dominee bij wie ik catechisatie volgde was het daar niet mee eens en riep mijn ouders ter verantwoording. Toen heb ik de kerk verwisseld voor het theater omdat daar meer vrijheid is en ruimte voor bezieling.
De tweede keer dat ik u zag was in de ogen van mijn moeder kort voor ze stierf. Ik zag een zacht licht van overgave en rust.
Ze zei 'Ik ga naar mijn vader' en ik denk eerlijk gezegd dat zij haar eigen vader bedoelde van wie ze veel had gehouden. Wat doet het ertoe.... of u onze verbeelding bent of dat u echt bestaat zolang het maar iets met iemand doet dat goed is.
En nu
Nu ben ik eigenlijk niet meer bezig met het zogenaamde godsbewijs. Ik hoop aan het einde van de reis vol overgave en rust uit te kunnen spreken 'Ik weet het niet'.
En diep in mijn hart weet ik
Dat u niet meer vraagt dan dat
Want als u al bestaat bent u ondoorgrondelijk voor ons overschatte verstand.
Maar in mijn verbeelding bent u ongeschonden uit de strijd gekomen....
Het kind in mij praat nog regelmatig in het ijle voor het slapengaan. Wanneer ik muziek maak en mezelf soms overstijg verdenk ik u ervan daar de hand in te hebben. Of u werkelijk bestaat doet er niet toe,de verbeelding is voldoende.
Ook nu nog als ik schrijf kruisen onze paden zich soms.
Zoals een jaar geleden op een ochtend in Kaapstad in deze woorden.......


















